Verouderde browser

Met een verouderde browser kun je onze website helaas niet meer (goed) gebruiken.

Ik snap het
Menu

Begrippenlijst

Algeracorridor

De Algeracorridor ligt op de N210 en is belangrijke route van en naar Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Krimpenerwaard. Er zijn hier verschillende knelpunten, waarvoor maatregelen nodig zijn. De zes voorgenomen maatregelen moeten onder andere bijdragen aan het oplossen van deze knelpunten.

Alternatief

Een alternatief in een MIRT-verkenning is een manier om een voorgenomen maatregel uit te voeren. Een alternatief bestaat uit een samenstelling van bouwstenen: mogelijkheden om de voorgenomen maatregelen waar te maken, zoals een brug of een tunnel voor de nieuwe oeververbinding. Na een eerste analyse van alternatieven, samengesteld uit verschillende bouwstenen, blijven alleen de kansrijke alternatieven over.

Autonome ontwikkeling

Veranderingen die, ook als een maatregel of het alternatief niet worden genomen, toch zullen ontstaan.

Bevoegd gezag

Het bevoegd gezag bestaat uit een of meer overheidsinstanties, die bevoegd zijn om over het project van de initiatiefnemers besluiten te nemen. Een belangrijk besluit is onder andere of er een vergunningen verleend worden, op basis van het MER. Het bevoegd gezag van de MIRT-verkenning Oeververbindingen zijn de gemeente Rotterdam en de provincie Zuid-Holland. Het projectteam Oeververbindingen voert de taken van het bevoegd gezag uit.

Bouwstenen

Voor elk van de zes voorgenomen maatregelen ontwikkelen we bouwstenen. Met die bouwstenen bouwen we aan logische en kansrijke alternatieven. Bouwstenen zijn mogelijkheden om de voorgenomen maatregelen waar te maken, zoals een brug of een tunnel voor de nieuwe oeververbinding. Een alternatief is een manier om een voorgenomen maatregel daadwerkelijk uit te voeren.

Commissie voor de milieueffectrapportage (Commissie m.e.r.)

De Commissie m.e.r. bestaat uit onafhankelijke deskundigen. Op verzoek van de vier initiatiefnemers adviseert de Commissie het bevoegd gezag over de gewenste inhoud van het milieueffectrapport. Het advies is geen formele of noodzakelijke stap in het proces, maar de initiatiefnemers willen graag dat de Commissie haar onafhankelijke oordeel geeft.

Gebiedsbod

Het gebiedsbod beschrijft de mogelijkheden van de regio Krimpenerwaard om zich verder te ontwikkelen, dankzij de nieuwe oeververbinding en de andere voorgenomen maatregelen. In het gebiedsbod staan de kansen voor deze regio, als het zoekgebied oost-oost gekozen zou worden.

Hoogwaardig openbaar vervoer

‘Hoogwaardig openbaar vervoer’ betekent snel, comfortabel openbaar vervoer met een hoge frequentie.

Initiatiefnemer

Eén of meerdere partijen die een plan willen opstellen of een project willen uitvoeren. De MIRT-verkenning Oeververbinding regio Rotterdam is een initiatief van gemeente Rotterdam, de provincie Zuid-Holland, de Metropoolregio Rotterdam-Den Haag en het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat.

Kostenbatenanalyse

Een kostenbatenanalyse is een afweging tussen de verwachte inkomsten en de verwachte uitgaven. Het doel is om te bepalen of beiden in de juiste verhouding tot elkaar staan.

MER

In het milieueffectrapport (MER) beschrijven we de effecten van de kansrijke alternatieven, die uit de m.e.r.-procedure komen. Op basis van het MER en andere beslisinformatie, kiezen we een voorkeursalternatief.

Milieueffectrapportage (m.e.r.)

Een milieueffectrapportage (m.e.r.) brengt de milieugevolgen van een plan in beeld, voordat daarover een besluit wordt genomen. In de milieueffectrapportage-procedure (m.e.r.) voor de MIRT-verkenning, onderzoeken we onder andere de effecten van de alternatieven op het milieu. De alternatieven zijn samengesteld uit de bouwstenen van de zes voorgenomen maatregelen. Alternatieven zijn dus mogelijke invullingen van de voorgenomen maatregelen.  De onderzoeksresultaten worden gepubliceerd in een milieueffectrapport.

MIRT

Een MIRT is een Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport, uitgevoerd door het Rijk en lokale overheden. Het richt zich op financiële investeringen in ruimtelijke programma’s en projecten.

MIRT-verkenning

In de MIRT-verkenning onderzoeken we per voorgenomen maatregel verschillende bouwstenen, die samen moeten zorgen voor het waarmaken van de vijf hoofddoelen. Meer informatie hier.

Multimodaal

Geschikt voor meer dan één vervoersvorm, variërend van auto en OV tot fietsend en lopend verkeer.

Nationale Markt- en Capaciteitsanalyse (NMCA)

De Nationale Markt- en Capaciteitsanalyse (NMCA) is een analyse op nationaal niveau naar de mogelijke, toekomstige vervoersknelpunten op wegen, vaarwegen, spoorwegen en het regionaal openbaar vervoer.

Natura 2000-gebieden

Natura 2000 is een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden op het grondgebied van de lidstaten van de Europese Unie. Het netwerk omvat alle gebieden die zijn beschermd op grond van de Vogelrichtlijn (1979) en de Habitatrichtlijn (1992).

Natuurnetwerk Nederland (NNN)

Samenhangend netwerk van bestaande en nog te ontwikkelen belangrijke natuurgebieden. Het vormt de basis voor het Nederlandse natuurbeleid, dat tot doel heeft de natuurwaarden in Nederland te stabiliseren.

NMCA-knelpunt

Een (toekomstig) knelpunt dat is geregistreerd door de Nationale Markt- en Capaciteitsanalyse (NMCA).

Notitie Kansrijke Oplossingsrichtingen

Dit document is het resultaat van de Analytische fase van de MIRT-verkenning. De initiatiefnemers leggen in deze notitie vast welke kansrijke alternatieven voor de zes maatregelen verder worden onderzocht. Dit verdere onderzoek vindt plaats in de Beoordelingsfase.

(Concept) Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD)

Hoe breed (reikwijdte) en diep (detailniveau) de MIRT-verkenning gaat, staat beschreven in de NRD. De NRD bepaalt dus wat we gaan onderzoeken en hoe het onderzoek in de MIRT-verkenning wordt uitgevoerd. De NRD is ook de eerste stap in de m.e.r.-procedure. In de m.e.r.-procedure worden onder andere de effecten op het milieu onderzocht van de zes voorgenomen maatregelen.

OWN

OWN staat voor onderliggend wegennet. Dit zijn de wegen die niet onder het hoofdwegennet vallen.

Plangebied

Het gebied waarbinnen het voorgenomen project, of een van de alternatieven, kan worden gerealiseerd.

Planuitwerking

Na afronding van de MIRT-verkenning volgt de MIRT-planuitwerking. In de MIRT-planuitwerking vullen de partijen het ontwerp zo concreet in dat het project klaar is voor een uitvraag aan marktpartijen. Daarna kan het project gerealiseerd worden.

Pre-verkenning

Het vooronderzoek waaruit is gebleken welke maatregelen het meest bij kunnen dragen aan de bereikbaarheid – en overige doelstellingen – van de regio Rotterdam. Dit is de fase die vooraf is gegaan aan de start van de MIRT-verkenning. In de pre-verkenning is bijvoorbeeld gekeken naar het doelbereik en haalbaarheid van een oeververbinding in de drie zoekgebieden.

Referentiesituatie

Dit is de situatie zonder realisatie van maatregelen. Deze situatie bestaat dus uit de huidige situatie plus autonome ontwikkelingen.

Startbeslissing

Het formele besluit om te starten met de MIRT-verkenning. Daarmee ligt vast over welk zoekgebied de MIRT-verkenning gaat en waar de focus van het onderzoek op ligt.

Studiegebied

Het gebied waarbinnen de milieugevolgen onder de loep genomen worden. Dit is vaak groter dan het plangebied. De omvang van het studiegebied kan per milieuaspect verschillen.

Uitgangspuntennotitie

Een document waarin de uitgangspunten staan genoteerd, waaraan een onderzoek moet voldoen.

Van Brienenoordcorridor

De Van Brienenoordcorridor is een knelpunt dat hoog genoteerd staat in de filelijsten. Momenteel staat de A16 tussen Feijenoord en Ridderkerk op plaats 4 in de nationale file Top-50. In de toekomst blijft dit een probleem. De knelpunten zijn bij het Terbregseplein, op de Van Brienenoordbrug en tussen de aansluiting Feijenoord en het knooppunt Ridderkerk. Meer informatie over de knelpunten en de file Top-50 vind je hier.

Verkeersstromen

Een verkeersstroom bestaat uit een groot aantal voertuigen dat zich in één richting beweegt. Verschillende verkeersstromen komen bij elkaar op grote kruisingen en op verkeersknooppunten.

Voorkeursalternatief

Het meest logische en kansrijke alternatief om het pakket van de voorgenomen zes maatregelen in te vullen.

Voorkeursbeslissing

Het voorkeursalternatief leggen we vast in een ontwerp-Voorkeursbeslissing. Dit is een officieel document waarin het voorkeursalternatief staat beschreven. Op de Voorkeursbeslissing kunnen zienswijzen worden ingediend.

Weefvak

Een weefvak is een combinatie van een invoegstrook en uitvoegstrook. Op een weefvak kunnen zowel bestuurders invoegen op de doorgaande hoofdrijbaan als uitvoegen vanaf diezelfde rijbaan. Doordat veel voertuigen tegelijk van strook wisselen en daarvoor ruimte nodig hebben, is de capaciteit van zo’n weefvak beperkt. Een weefvak kan een knelpunt veroorzaken.

Zoekgebied

Een gebied waarin de mogelijkheden worden onderzocht voor de zes voorgenomen maatregelen. In de pre-verkenning is gekeken naar het doelbereik en haalbaarheid van een oeververbinding in de drie zoekgebieden.

X